Pancratius

Protocol rond het Kerkelijk afscheid in de H. Pancratius parochie,  Klik hier

Troosttas: Klik hier

 

UITVAART

Wanneer een familielid is overleden, is het zaak om zo spoedig mogelijk contact op te nemen met een begrafenisonderneming om de begrafenis of crematie te kunnen regelen. Meestal neemt deze voor u contact op met de parochie voor de kerkelijke uitvaart. U kunt ook zelf contact opnemen door de weekwacht te bellen, tel. 06-20430155. De weekwacht regelt vervolgens de beschikbaarheid van een voorganger en van de kerk. Op de avond voorafgaand aan de Uitvaart wordt er ge­woonlijk een Avond­wa­ke gehouden. Afscheidsviering aan de vooravond van begrafenis of crematie is mogelijk vanaf 1 september 2013


De viering van de uitvaart

Het grondmodel van de uitvaart tekent de weg van de dode, en kent daarom verschillende fasen: zij wordt gevierd op drie plaatsen met daartussen twee processies.

I. In het huis van de overledene. Nadat er gebeden is toen de mens in zijn bed stierf, en nadat er gebeden is toen het lichaam in de kist werd gelegd, begint de uitvaartliturgie daar waar de overledene zijn gang naar het graf begint: in het huis of in het ziekenhuis. Daar wordt het lichaam ter herinnering aan het doopsel met wijwater besprenkeld, wordt een psalm gelezen en wordt gebeden. Vervolgens wordt het lichaam naar de kerk gebracht.

II In de kerk. De overledene wordt zo in de kerk geplaatst, dat het herinnert aan zijn plaats in de liturgie: de overleden gelovige heeft het gezicht gericht naar het altaar, een overleden priester heeft het gezicht naar het volk gericht. Dan begint de liturgie, die gevierd wordt met de dode.

- De dienst van het woord. In de uitvaartliturgie gaat het om het geloof in het nieuwe leven, en niet om een afrekening van het oude. Daarom dient de homilie de verkondiging van Gods woord te zijn, en niet een lijkrede. Toch moet de verbinding van Gods woord met het leven van deze mens gelegd worden. Niet om een voorlopig oordeel te geven, maar om te laten zien dat ook deze mens door het woord van God tot leven komt.

- De eucharistie. Omdat de kerk in de uitvaart het paasmysterie viert, behoort de viering van de eucharistie wezenlijk tot haar liturgie. (N.B. de eigen teksten van de eucharistie van de uitvaart kunnen niet gekozen worden op hoogfeesten, de zondagen van advent, de zondagen van de veertigdagentijd en de zondagen van de paastijd.) Toch ontstaat om verschillende pastorale redenen de praktijk om bij de uitvaart geen eucharistie te vieren. De dienst van het woord wordt dan direct vervolgd met de laatste aanbeveling ten afscheid. Ook wanneer er een uitvaart in het paastriduum moet plaatsvinden wordt geen eucharistie gevierd, maar zal men zich aansluiten bij de overweging van het lijden en sterven en de grafrust van de Heer. Omdat echter de eucharistie eigenlijk tot de uitvaartliturgie behoort, is het goed om na de uitvaart (i.c. na het paastriduum) alsnog de dode in een eucharistieviering te gedenken.

- Laatste aanbeveling ten afscheid. Deze aanbeveling, die de uitvaartdienst besluit, heeft de betekenis van een "adieu", een vaarwel tot God. Want hoewel wij door de dood van de naaste gescheiden worden, zijn wij voor eeuwig verbonden en zullen wij elkaar weerzien. De laatste aanbeveling begint met gebed; vervolgens wordt het lichaam met wijwater besprenkeld en bewierookt; ten slotte wordt, na een gebed, het lichaam onder gezang weggedragen. Bij de laatste aanbeveling mag een lijkrede worden uitgesproken; ook hier gaat het er niet om een voorlopig oordeel te vellen, maar om te laten zien wie wij aan God teruggeven en wat wij aan de aarde teruggeven.

III. Bij het graf. De uitvaartliturgie eindigt bij de graflegging.

Daar wordt het lichaam aan de aarde toevertrouwd, de mens aan God.

Ook omdat veel mensen nu pas tot het besef komen dat de naaste werkelijk dood is, is het goed dat zij de graflegging meemaken.